Rekenen en Taal

Rekenen

Rekenexamen

Alle leerlingen zijn verplicht een rekenexamen te doen. Ze krijgen hier in totaal vier kansen voor. De eerste kans vindt plaats in het voorlaatste leerjaar, de andere drie in het laatste leerjaar (examenjaar). Een leerling heeft het rekenexamen gehaald als hij of zij

  • voor 2F rekenen een minimumscore van 35 rekenopgaven correct heeft op de openbare referentieset 2F rekenen of
  • voor 3F rekenen een minimumscore van 31 rekenopgaven correct heeft op de openbare referentieset 3F rekenen.

Het rekenexamen wordt afgenomen op de computer en duurt 90 minuten op niveau 2F (vmbo) en 120 minuten op niveau 3F (havo en vwo). Het examen bestaat voor een deel uit kale sommen en een deel uit opgaven met context. Bij het laatste deel mag de rekenmachine worden gebruikt die op de computer zit.

Begeleiding bij het rekenexamen

De leerlingen worden in de onder- en bovenbouw op het rekenexamen voorbereid via extra rekenlessen bij wiskunde.

Dyslexie/dyscalculie

Leerlingen met een dyslexieverklaring kunnen een tijdsverlenging van 30 minuten krijgen en/of eventueel een versie die kan worden voorgelezen door een computerstem. Voor leerlingen met een dyscalculieverklaring is momenteel alleen de tijdsverlenging van toepassing. Eventueel kan een apart examen worden aangevraagd, waarbij ook een formulekaart gebruikt mag worden, maar dit examen is van een lager niveau en dit kan gevolgen hebben voor de vervolgopleiding.

Voortgangstoetsen rekenen en wiskunde

De school is verplicht de voortgang van leerlingen te volgen op het gebied van rekenen en wiskunde. Dit gebeurt door middel van het programma SmartRekenen, dat ook in de rekenlessen gebruikt wordt. Aan het eind van het schooljaar wordt er een rekentoets afgenomen. Het resultaat hiervan wordt op het rapport vermeld.

Taal

Geen apart examen

Er is geen apart taalexamen naast het reguliere examen Nederlands. Op de Augustinus vinden we het belangrijk om de taalontwikkeling van onze leerlingen te stimuleren. Bovendien zijn we als school verplicht om de leesvaardigheidsontwikkeling Nederlands en Engels in de onderbouw te volgen. Dit gebeurt door middel van de toetsen Diatekst Nederlands en Diatekst Engels.

Docenten van alle vakken werken mee aan de verbetering van de taalvaardigheid van onze leerlingen en geven taalbewust les. Ze letten op de spelling in het schrijfwerk, hebben aandacht voor de moeilijkheden die leerlingen kunnen ondervinden bij het begrijpen van moeilijke vakteksten en stimuleren leerlingen om correct te formuleren.

Toets Diatekst Nederlands

Om de leerlingen te volgen in hun taalontwikkeling maken wij gebruik van Diatekst, een test om het niveau van begrijpend lezen vast te stellen. De vaardigheid in begrijpend lezen is een belangrijke indicator voor het niveau van de leerling, niet alleen voor Nederlands, maar eigenlijk voor alle vakken. In de brugklas wordt twee keer getoetst; aan het begin van het schooljaar (nulmeting) en aan het einde van het brugklasjaar. Ook halverwege klas twee en aan het eind van klas drie wordt er een toets afgenomen.

Toets Diatekst Engels

De school is eveneens verplicht de leesvaardigheid Engels van leerlingen te volgen. Dit gebeurt door middel van de toets Diatekst Engels. De scores en referentieniveaus van leerlingen worden op het rapport vermeld.

Downloads

uitleg-scores-diataaltoetsing-juni-2016 Download